Purperkoet

Porphyrio porphyrio

PURPERKOET

De purperkoet wordt zeer groot, van 38 tot 50 centimeter. Hij heeft een glanzend donkerblauw en paars verenkleed met en grote dikke felrode snavel en lange, felrode poten met lange tenen. Verder heeft hij een felrood schild op het voorhoofd en een witte stuit. Purperkoeten zwemmen niet graag, maar ze klimmen in het riet of rennen over de grond.

Leefwijze

Jonge scheuten, zaden, delen van riet en andere waterplanten, waterinsecten, weekdieren en kleine amfibieën. Soms roven ze eieren en jongen van andere watervogels, waarvoor ze zelfs in bomen klimmen.

Broedgedrag

Purperkoeten broeden in weelderige vegetatie in binnenwateren, moerassen, meren en baaien. Het nest wordt tussen het riet op het water gebouwd, tot op een hoogte van 50 centimeter. Het diepe nest wordt gemaakt van riet. In april en juni worden 5-7 roze tot geelachtige eieren met donkere vlekken gelegd. Beide ouders broeden; de eieren komen na 22-25 dagen uit. Na vier dagen verlaten de jongen het nest. De ouders blijven nog voor hen zorgen totdat ze kunnen vliegen.

Verspreiding

De vogel komt in Europa slechts voor in Spanje, Portugal en op Sardinië. In Nederland en België is de soort niet als wild waargenomen. Purperkoeten zijn standvogels.